Meetmethodes

Op deze pagina volgt de twee door mij gebruikte meetmethodes. 

Het eerste waar je rekening mee moet houden is de te gebruiken wielen, dit bepaalt namelijk de hoogte van de motor. Dus niet opmeten met grote wielen terwijl er later 15 inch wielen inkomen, want dan wordt de naloop wel erg klein!
Om te beginnen wordt de motor op z'n wielen gezet en wordt de naloop, hoogte e.d. gemeten in de huidige toestand, zie ook de inleiding over schommelarmvoorvorken. Je zou dan al het draaipunt van het balhoofd kunnen aftekenen op de grond, maar dat kan makkelijker later. Meet wel de hoogte e.d. op. Dan wordt het tijd om de voorvorkpoten uit de baslhoofdsplaten te halen. Verderop staat een andere meetmethode (getekend met een Suzuki).
Je moet op n of andere manier precies het draaipunt van het balhoofd op de grond aftekenen, dit zonder de motor van z'n plek te halen. Dan heb je het punt staan alwaar je 0 (nul) cm naloop zou hebben als hier het wiel precies op zou komen te staan.
Echter we willen nog wel iets naloop over houden, dus gaan we nu het wiel neerzetten. Zie de tekening hierboven en de foto hieronder zoals ik het heb uitgemeten bij de BMW K100 van Wilma.
Zo, dat staat (waarschijnlijk met een hoop stokjes en lijmklemmen). En op zo'n 4 cm naloop, dus de as staat ongevier 4 cm achter het afgetekende draaipunt, dat is wat ik zo'n beetje aanhoudt. Meer naloop stuurt zwaarder en geeft meer stabiliteit, minder stuurt lichter maar wordt ook instabieler. Een andere door mij toegepaste manier is een stuk simpeler; als de naloop bekend is (b.v. uit het instructieboekje) dan is het een kwestie van opmeten hoever de vooras t.o.v. een vast punt (b.v. oliefilter of een bout voor op het motorblok) staat. Dit gaat trouwens alleen op als je hetzelfde voorwiel blijft gebruiken.
Volgende fase; het aftekenen van de twee vorkpoten. Hiervoor kan je het makkelijkst twee raggels of andere latten nemen. Entje doe je door het balhoofd, de andere met een schroef er aan vast. Dan ga je d.m.v. schuiven en draaien de maat van de poot bepalen. Er zijn twee plaatsen bepalend; passen de schokbrekers en komt het scharnierpunt ongeveer bij de achterkant van de band uit? Zie ook de groene lijn in bovenstaande tekening. Voor het grootste deel is het een kwestie van kijken, potje bier erbij, weer kijken en jezelf afvragen; smoelt het wel? De volgende stap is dan het voorwiel dan het gewenste aantal cm's naar voren te plaatsen, vervolgens is het opmeten en buigen van de voorvorkpoten gelijk aan de manier hiernaast.
Dan volgt pas veel later de laatste fase. Als alle onderdelen klaar zijn moeten de scharnierpunten bepaald worden. De voorvork wordt in de balhoofdsplaten geschoven en de swing wordt om het voorwiel gezet.
Dan wordt het voorwiel weer op zijn merk, de goede naloop dus, gezet en worden de scharnierpunten vastgesteld, zie het oranje puntje op bovenstaande tekening.
Als alles dan vastgehecht zit volgt de laatste fase, het uitrichten van het voorwiel. Dat moet natuurlijk ook rechtop staan, net zoals het achterwiel, en in het midden van de vork. Dit is een kwestie van meten met een waterpas, touwtje en blokhaak, maar als je al zover bent gekomen moet dit laatste stukje ook geen probleem meer zijn !! Zorg er wel voor dat het voorwiel t.o.v. het achterwiel rechtop staat en in het midden!